Blog TSM-docent: Annette Meulmeester

Wat is dat toch? Collega’s gniffelen: ‘zeker op training geweest’ als een manager te opzichtig ander gedrag toont of nieuwe afspraken wil introduceren, en in no time doen we weer ‘normaal’. Dat wat eerst veel nieuwe energie leek te geven wordt een bron van frustratie en soms ook moedeloosheid.
Als docent binnen de programma’s van TSM richt ik mij op (persoonlijk) leiderschap, groepsdynamica en verandermanagement. Deze thema’s hebben natuurlijk veel te maken met het gedrag en de overtuigingen van deelnemers aan die programma’s, maar zijn tegelijk onlosmakelijk verbonden met de organisaties waarin zij dagelijks werken. Ze lijken haast wel meegebakken in de stenen van het gebouw. Je kunt dan in de relatief veilige omgeving van een opleiding nog zo hard werken aan je leiderschapskwaliteiten of reflecteren op jouw gedrag in groepen, terug op de werkvloer is het bepaald geen sinecure om je nieuwe inzichten toe te passen. De mores binnen organisaties zijn soms zo dwingend, dat je al snel weer in het gareel loopt, mocht je überhaupt de moed hebben opgevat het anders te gaan doen.
De twijfel kan nu zomaar toeslaan dat leiderschapsprogramma’s eigenlijk weggegooid geld zijn. Maar is dat ook zo? Geenszins, mits bewust ingezet en goed ingebed in de organisatie.
Leiderschapsontwikkeling is organisatieontwikkeling. Dat betekent dat de top van de organisatie, het hoogste niveau managers, zich realiseert dat een leiderschapsprogramma een veranderinterventie is. Eentje die op z’n minst ongemak oplevert en op z’n best gedoe, waarbij de top er niet onderuit kan om ook serieus te kijken naar het eigen leiderschap en het effect daarvan.
Wanneer je op deze manier naar leiderschapsontwikkeling kijkt dan kun je je wel voorstellen dat het niet heel effectief is om een enkele leider naar een programma te sturen en dan te kijken wat hij of zij anders gaat doen. Het organisatiesysteem is daarvoor vaak te weerbarstig. Maar wanneer je een substantieel deel van je managers gezamenlijk laat werken en leren over leiderschap, dan kan er zomaar een beweging ontstaan die verschil gaat maken.
Het aan en afleren van gedrag gebeurt niet tijdens een programma, dat gebeurt in de praktijk. Door bewust te doen, te experimenteren en daar feedback op te krijgen. Leiderschapsprogramma’s richten zich dan ook op een niveau dieper. Leiderschap en reflectie zijn wat mij betreft onlosmakelijk met elkaar verbonden. Dit betekent vragen durven stellen als: hoe kan ik de vermogens van anderen tot bloei laten komen, in plaats van er zelf op te gaan zitten? Wat vraagt dat van mij, en van ons als organisatie? En wat gebeurt er met mij en met ons op spannende momenten? Wat zijn dan onze neigingen? Helpen die? Of juist niet?
Om te reflecteren helpt het om bij tijd en wijle afstand te nemen. Samen met anderen. Want je eigen patronen zijn voor jou vaak zo vanzelfsprekend, dat je iemand nodig hebt om je daar op te wijzen. Een coach, of beter nog, collega’s.
In de incompany programma’s van TSM waar ik bij betrokken ben, werken we langs deze lijnen. Nauwe verbinding met de organisatiedoelen en actieve betrokkenheid van het hoogste management. Verdiepende reflectie, samen leren en de organisatiecontext voortdurend in het achterhoofd. Zo creëren we met elkaar een olievlek in de organisatie die beweging brengt, belemmerende patronen in de organisatie zichtbaar maakt en een zelf corrigerend vermogen introduceert dat leren en experimenteren in de praktijk mogelijk maakt. Want in die praktijk moet het gebeuren!

Gepubliceerd: 29 maart 2016

Op de hoogte blijven en waardevolle artikelen ontvangen?

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en en ontvang een keer per kwartaal interessante artikelen en informatie over onze opleidingen en evenementen.